Home  | G.H. L├╝ckens  | Modelleerwerk  | Tekeningen  | Werk divers  | Sitemap  | 

Advertentie Oprichting Quellinus

Advertentie in het Algemeen Handelsblad, 8 mei 1879.

Algemeen Handelsblad, 9 mei 1879

Quellinus.

De belangstelling, die zich in den laatsten tijd in de herleving der kunstnijverheid heeft geopenbaard en de waardeering, welke den voortbrengselen onzer voorvaderen op dat gebied zoowel binnen- als buitenslands ten deel valt, hebben eenige ingezetenen der hoofdstad genoopt, om, in verband met onze afdeeling der Maatschappij ter Bevordering van Nijverheid, middelen te beramen tot verbetering van den deerniswekkenden toestand, waartoe onze kunstvlijt vervallen is.

Het eerste uitvloeisel hunner bemoeiingen is de kunstnijverheidschool "Quellinus", welke den 15den dezer maand voorloopig geopend wordt in de vroegere woning en werkplaats van den bouwmeester Cuypers, in de Vondelstraat hoek Tesselschadestraat.

Het bestuur der Vereeniging, dat tevens toezicht uitoefent op de school, bestaat uit de heeren Herman J. van Lennep, E. W. B. van Erven Dorens, J. Ankersmit Jr., P. H. J. Cujpers, F. A. T. Delprat, C. Dysesinck, A. Willet en E. Colmet, aan welken laatste de leiding van het onderwijs is opgedragen.

De inrichting is, behoudens aanmerkelijke uitbreiding, op gelijke leest geschoeid als aan de thans opgeheven kunstschool van de heeren Cuypers en Colmet, waarvan wij indertijd een uitvoerige beschrijving hebben gegeven.

De hoofdvakken zijn teekenen, boetseeren, beeldhouwen en sierschilderen, met dien verstande dat elke leerling, na de eerste algemeene kunstopleiding genoten te hebben, onderwijs ontvangt meer bijzonder met het oog op het vak zijner keuze. Zoowel de smid als de beeldhouwer, zoowel de steenteekenaar als de meubelmaker kunnen er zich bekwamen in dat gedeelte van hun vak, wat er het kunstkarakter aan geeft en het dus boven het ambacht verheft.

Het onderricht bepaalt zich niet uitsluitend tot de theorie, maar ook zooveel mogelijk tot de practijk. Bouwmeesters en fabrikanten, die ornament- of modelwerk aan de school willen opdragen, zullen daarom zeker met open armen worden ontvangen; te meer daar de meestgevorderde leerlingen op die wijze al aanstonds ook op stoffelijke wijze de voordelen hunner verkregen vaardigheid kunnen inoogsten.

Het lidmaatschap der vereeniging kost 15 's jaars, waardoor men, voor zoover de gelegenheid dit toelaat, recht verkrijgt tot plaatsing van een leerling.

Ziedaar in korte trekken het doel en den werkkring der vereeniging. Het is te hopen, dat menigeen zich opgewekt zal gevoelen, om door inschrijving op de ledenlijst, haar loffelijk streven te ondersteunen. Het geldt hier eene proeve, over welker al of niet slagen slechts geoordeeld kan worden, als zij op onbekrompen wijs genomen wordt. Bij genoegzame medewerking is de uitslag echter niet twijfelachtig. Het toezicht en de leiding der school berusten in goede handen. Ook aan leerlingen, de ondervinding heeft dit reeds bewezen, zal het niet ontbreken; maar dit is niet voldoende. De bestuurder der school moet over deugdelijke onderwijskrachten en andere hulpmiddelen kunnen beschikken. Wij hopen daarom, dat onze belangstellende en belanghebbende stad- en landgenooten ook hier zullen toonen, te begrijpen, dat vele handen licht werk maken en zoo doende eene instelling verkregen kan worden, die van onschatbaren invloed kan worden op de gelukkige ontwikkeling onzer herlevende en nog zoo hulpbehoevende kunstnijverheid.

Persbericht Algemeen Handeslblad - Quellinus

Artikel in het Algemeen Handelsblad, 20 juli 1900.